Er zijn maar weinig mensen die Het Rode Kruis niet kennen; de organisatie die in 1863 werd opgericht en waarvan Jean Henry Dunant de grondlegger is. Hij had maar één doel voor ogen: het verbeteren van het lot van de soldaten die zwaar gewond op het slagveld achterbleven. Dunant was getuige geweest van de verschrikkingen van een veldslag en had zijn ervaringen vastgelegd in het boek Un souvenir de Solferino.Hij deed hierin twee voorstellen:
• Elke staat moest een nationale vrijwilligersvereniging oprichten, die zou beschikken over de noodzakelijke kennis om het lijden van de gewonden in oorlogstijd te verlichten indien er zich een conflict op het grondgebied van die staat zou voordoen.
• Er moest een verdrag komen dat de zieke en gewonde soldaten een beschermde status zou geven.
Het boek werd een bestseller en de Rode Kruis gedachte vond weerklank in een groot aantal Europese landen.
In 1867 werd in Nederland de Nederlandse Vereniging tot het verlenen van hulp aan zieke en gewonde krijgslieden in tijd van oorlog opgericht. Toen Frankrijk in juli 1870 de oorlog verklaarde aan Duitsland, was onze regering bevreesd dat ook Nederland bij de oorlog werd betrokken. Zij besloot de troepen naar de landsgrenzen te dirigeren en deed een beroep op de nog jonge vereniging om ondersteuning. De vereniging richtte zich tot de Nederlandse bevolking met het verzoek om geld en goederen in te zenden en vrijwillige diensten aan te bieden.
Aan deze oproep werd ook in Gouda gehoor gegeven. Op initiatief van ds. J.N. Scheltema werd op 28 juli 1870 een vergadering belegd in sociëteit “Ons Genoegen” die leidde tot de oprichting van een hulpcomité. Vanaf dat moment is het Rode Kruis niet meer weg te denken uit de Goudse samenleving.
De lezing zal ingaan op de vraag waarom de Rode Kruisgedachte juist in de tweede helft van de negentiende eeuw vaste voet aan de grond kreeg. Ook wordt ingegaan op de vraag waarom het noodzakelijk was dat de status van de gewonde en zieke militairen diende te worden vastgelegd in - wat wij nu noemen - het humanitair oorlogsrecht.
De geschiedenis van de afdeling is – hoe kan het ook anders – sterk verweven met de geschiedenis van het landelijk bureau. Vandaar dat ook wordt stil gestaan bij de historie van het Nederlandse Rode Kruis en op de vraag op welke wijze het landelijk beleid werd vorm gegeven binnen de afdeling.
Daarna gaat de lezing uitgebreid in op het ontstaan van onze afdeling en op de rol die de organisatie in de afgelopen 140 jaar heeft gespeeld in de Goudse samenleving.
De vrijwilligers van het Rode Kruis worden al lang niet meer voorbereid voor het verlenen van hulp aan militairen die zwaar gewond achterblijven op het slagveld. Een ander soort hulp is daarvoor in de plaats gekomen. Vandaar dat tot slot een beeld wordt geschetst van de afdeling Gouda en omstreken van het Nederlandse Rode Kruis anno 2010.
De lezing begint om 20.00 uur en wordt gehouden door Henk Kauffman. Lokatie is de Hoge Gouwe 141. Leden van die Goude hebben, samen met een introducé, gratis toegang. Niet-leden betalen vijf euro entreegeld.

0 reacties:
Een reactie plaatsen